De Europese AI-verordening — beter bekend als de EU AI Act — is geen toekomstmuziek meer. Sinds augustus 2026 zijn de eerste concrete verplichtingen van kracht, ook voor Belgische bedrijven en organisaties. Toch is er een opvallende lacune: België heeft de Europese deadline gemist om zijn nationale toezichthouder officieel aan te stellen. Dat roept vragen op. Wie handhaaft de regels? Wat moet jij als ondernemer of consument weten? En hoe staat België er eigenlijk voor in vergelijking met de rest van Europa?
Wat is de EU AI Act en waarom is het belangrijk?
De EU AI Act (Verordening (EU) 2024/1689) is de eerste uitgebreide Europese wet die kunstmatige intelligentie reguleert. De verordening werkt met een risicogebaseerde aanpak: hoe groter het risico dat een AI-systeem vormt voor mensen of de samenleving, hoe strenger de regels. Systemen worden ingedeeld in vier categorieën: onaanvaardbaar risico (verboden), hoog risico, beperkt risico en minimaal risico.
De wet is rechtstreeks van toepassing in alle EU-lidstaten, dus ook in België — zonder dat er een aparte nationale wet nodig is. Dat klinkt eenvoudig, maar de praktijk is complexer. Elke lidstaat moet namelijk wel een nationale toezichthouder aanwijzen die de wet handhaaft. En daar wringt het schoentje voor België.
De Belgische situatie: BIPT aangeduid, maar nog niet officieel
In het federale regeerakkoord heeft de Belgische regering het BIPT (Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie) aangeduid als de toekomstige nationale markttoezichthouder voor AI. De FOD Economie zou dan optreden als nationale coördinator. Klinkt logisch — het BIPT heeft al ervaring met het reguleren van digitale markten en telecom.
Maar er is een probleem: deze aanwijzing is nog niet formeel vastgelegd in een wet die door het Belgische parlement is goedgekeurd. Daardoor heeft het BIPT op dit moment geen officiële juridische bevoegdheid om de AI Act te handhaven. België heeft hiermee de Europese deadline gemist, en staat daarin niet alleen — meerdere lidstaten worstelen met dezelfde vertraging.
Wat betekent dit in de praktijk? Wie als consument of bedrijf een klacht wil indienen over een schending van de AI Act, wordt momenteel doorverwezen naar de gewone rechtbanken of naar de Europese Commissie. Een nationale AI-helpdesk bestaat voorlopig nog niet.
Wat is al wél van kracht? De transparantieverplichtingen van augustus 2026
Ondanks de institutionele vertraging zijn er al concrete verplichtingen die gelden. Sinds 2 augustus 2026 zijn de transparantievereisten onder Artikel 50 van de AI Act van toepassing. Dit heeft directe gevolgen voor elke organisatie die AI inzet in klantgerichte toepassingen:
- Chatbots en virtuele assistenten moeten duidelijk aangeven dat de gebruiker met een AI-systeem communiceert, niet met een mens.
- AI-gegenereerde afbeeldingen, audio en video (deepfakes) moeten als zodanig worden gelabeld.
- AI-geschreven teksten die bedoeld zijn om de publieke opinie te beïnvloeden, moeten transparant worden gemaakt.
- Biometrische categorisering op basis van gevoelige kenmerken (zoals etniciteit of politieke overtuiging) is aan strikte regels gebonden.
Voor Belgische bedrijven — van webshops in Antwerpen tot mediabedrijven in Brussel — betekent dit dat ze hun AI-toepassingen moeten screenen en waar nodig aanpassen. De Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA/APD) blijft intussen bevoegd voor AI-toepassingen die persoonsgegevens verwerken, via het bestaande GDPR-kader.
Eerder al van kracht: verboden AI en AI-geletterdheid
De transparantieverplichtingen zijn niet de eerste regels die ingingen. Al eerder, op 2 februari 2025, werden bepaalde AI-praktijken volledig verboden in de EU. Het gaat onder meer om:
- Systemen die mensen manipuleren via subliminale technieken.
- Social scoring door overheden (het beoordelen van burgers op basis van gedrag).
- Real-time biometrische identificatie in openbare ruimtes door wetshandhaving (met beperkte uitzonderingen).
- Emotieherkenning op de werkvloer of in onderwijsinstellingen.
Tegelijk werd Artikel 4 van kracht, dat organisaties verplicht om AI-geletterdheid te bevorderen bij hun medewerkers en klanten. Bedrijven moeten dus niet alleen hun systemen aanpassen, maar ook investeren in opleiding en bewustwording.
Wat staat er nog aan te komen?
De AI Act wordt gefaseerd ingevoerd. Dankzij de zogenaamde "Digital Omnibus" (Verordening (EU) 2026/1744) zijn enkele deadlines verschoven:
- 2 december 2027: Hoog-risico AI-systemen onder Bijlage III (zoals systemen voor aanwerving, kredietscoring of biometrische identificatie) moeten volledig compliant zijn.
- 2 augustus 2028: Hoog-risico AI ingebed in gereguleerde producten (zoals medische hulpmiddelen of veiligheidssystemen) valt onder de strengste regels.
Voor Belgische kmo's is het advies duidelijk: begin nu al met de interne documentatie en zelfevaluatie, ook al lijken de deadlines nog ver weg. Wie wacht tot de laatste maanden, riskeert een chaotische en dure inhaalbeweging.
Hoe staat België er voor in Europees perspectief?
België is niet het enige land dat de aanwijzingsdeadline heeft gemist, maar het contrast met koplopers als Nederland, Duitsland en Denemarken is opvallend. Die landen hebben hun toezichthouders al formeel aangesteld en zijn begonnen met de opbouw van nationale AI-helpdesks en handhavingscapaciteit.
Positief is dat België wel degelijk werk maakt van AI-strategie. De Vlaamse overheid heeft via het Flanders AI Forum (dat in oktober 2026 plaatsvond tijdens het FTI Festival) een platform gecreëerd voor samenwerking tussen bedrijven, kennisinstellingen en overheid. De Cronos Groep lanceerde er een AI Lab, en initiatieven zoals het Flanders AI Research Program (FAIR) tonen aan dat er serieuze ambities zijn.
Op federaal niveau werkt de FOD Economie aan een nationale implementatiestrategie, maar de parlementaire goedkeuring van de BIPT-aanwijzing laat op zich wachten. Experts hopen dat dit nog voor het einde van 2026 wordt geregeld.
Wat moet jij als Belgisch bedrijf nu concreet doen?
Of je nu een startup bent in Gent, een kmo in Luik of een groot bedrijf in Brussel: de AI Act raakt je vroeg of laat. Hier zijn de meest urgente stappen:
- Inventariseer je AI-toepassingen. Welke systemen gebruik je? Zijn er klantgerichte AI-tools, chatbots of geautomatiseerde beslissingen?
- Controleer de transparantieverplichtingen. Zijn je chatbots duidelijk gelabeld als AI? Worden AI-gegenereerde content en afbeeldingen als zodanig aangeduid?
- Beoordeel het risiconiveau. Vallen je systemen onder de hoog-risico categorieën (aanwerving, krediet, biometrie)? Dan moet je nu al beginnen met documentatie.
- Investeer in AI-geletterdheid. Zorg dat je medewerkers begrijpen wat AI is, hoe het werkt en wat de risico's zijn. Dit is geen optie, maar een wettelijke verplichting.
- Volg de BIPT-ontwikkelingen op. Zodra het BIPT officieel is aangesteld, zal het richtlijnen en een helpdesk publiceren. Houd de website van het BIPT en de FOD Economie in de gaten.
Conclusie: regels zijn er, handhaving volgt
De EU AI Act is geen papieren tijger. De transparantieverplichtingen zijn al van kracht, de verboden op gevaarlijke AI-praktijken ook. Dat België zijn toezichthouder nog niet officieel heeft aangesteld, betekent niet dat de regels niet gelden — het betekent alleen dat handhaving voorlopig via de rechtbanken verloopt in plaats van via een gespecialiseerde autoriteit.
Voor Belgische bedrijven en organisaties is de boodschap duidelijk: wacht niet op de officiële aanstelling van het BIPT om in actie te komen. De wet is van kracht, de verplichtingen zijn reëel, en wie nu investeert in compliance, staat straks sterker wanneer de handhaving op volle toeren draait. De digitale toekomst van België wordt mede geschreven door hoe we omgaan met AI — en die toekomst begint vandaag.


